Rare sprongen

Bas heeft verdriet

Daar zat Bas dan
een beetje zielig
en een beetje sip
voor zijn deur.


Nadat de bosmieren hem vlug en veilig
hadden thuisgebracht,
en alweer een poosje vertrokken waren,
was Bas maar naar bed gegaan.
Het was al laat en hij was moe
en hij kreeg het, eerlijk gezegd,
een beetje te kwaad.

Maar hij kon niet slapen.
Hij deed de hele nacht
geen oog dicht.

Hij lag maar te piekeren;
en ook en beetje te grienen,
want hij moest almaar denken
aan Jasmine, die schat
en alle leuke plannen die hij
voor de toekomst had.
Hoe fijn had het hem niet geleken!
Dat was nu allemaal verkeken,
enkel en alleen, omdat hij zo stom
en roekeloos gehandeld had.

Zo en op die manier
lag hij te tobben,
piekeren en peinzen.

En toen eindelijk de dageraad
zijn licht door de kier onder de kei
naar binnen spoot,
en het flitsend en speels
in het knusse vertrek
over zijn spulletjes schoot,
hield Bas het in bed niet meer uit
en strompelde ellendig
en met moeite naar buiten.

En daar zat hij dan
- best wel meer dan een beetje zielig,
en best wel meer dan een beetje sip -
in het zachte mos voor de witte steen.
Hij voelde zich heel erg verlaten
en hl hl vreselijk alleen.

De dieren in het bos
kwekten en kwetterden
en riepen zijn naam
en kwamen troostend bij hem staan;
maar Bas reageerde niet,
hij had zo veel verdriet.

Willem, die vond dat het zo niet langer ging,
streek bij hem neer, en zei snel:
'Je moet de groeten hebben van Nel.
Ze is l-lang niet boos meer.
Ze begrijpt het allemaal wel
en leeft erg met je mee.

Trouwens, dat net is al weer heel, hoor!
Dat was gisteren vr donker al weer dicht.

Je hebt er anders wel
een flinke smakker tegen gemaakt, h jongen?
Je rugzak zat er helemaal tussen gehaakt.
Het halve web heb je meegesleurd!
Nou ja,' zei hij schouderophalend.
'Wat gebeurd is, is gebeurd.'

Maar toch keek hij hem
vanonder zijn wenkbrauwen
nog wel een beetje
verwijtend aan.

Bas kreeg een kleur,
maar zei niets.

'Kop op joh! sprak Willem bemoedigend.
Bekijk het ook eens van de zonnige kant.
Wees blij dat je er nog bnt!'

Op dat moment
streek Karel bij hen neer.
'Ik kom maar even kijken naar al dat zeer,'
zei hij met een ernstig gezicht.

'Nou, nou, nou! Jj hebt wat aangericht!
riep hij hoofdschuddend.
Tjonge, jonge, jonge! Hoe kwm dat nou!?
Wat ik allemaal niet heb ge-hrd!
Maar nu wil ik jouw kant wel eens van het verhaal.
He-le-maal, van begin tot eind!'
En hij nam een afwachtende houding aan.

Maar Bas reageerde niet;
verzette geen poot,
verroerde geen spriet!

'Volgens mij heeft hij een shock,'
zei Willem tegen Karel,
terwijl hij Bas onderzoekend opnam.

'Ik denk,' vervolgde hij,
'dat wij maar eens
een bezoekje moesten brengen
aan het Steile Ravijn!'

'Dat is geen slecht idee,
daar zal zeker iemand mee gebaat zijn,'
antwoordde Karel met een
veelbetekenende blik naar Bas.

'Dan gaan we maar meteen!' zei Willem.
En met een 'gegroet jongeman'
lieten ze Bas maar weer alleen.

'Welja! Breng maar fijn
een bezoekje aan het Steile Ravijn,' dacht Bas Boos.
'Vertel maar snel
hoe stom ik geweest ben!
Ja...,
daar ben ik ru-ze-blij mee!'

Zo lag ie te morren,
te kniezen en te knorren.
Hij lag zich aardig op te vreten,
dat kan ik je wel vertellen.

Maar dat duurde gelukkig niet al te lang,
want hij wist heel goed,
dat zo'n gedachtengang
over karel en Willem, onzin was.
Dat waren bovenste beste beesten.
Daar kon je op bouwen!
Ze waren oplettend en behulpzaam
en spraken niet snel hun snavel voorbij.
Dat wist hj als geen ander.

Bas zag nu de goede kant van de zaak!
Als Karel en Willem terug waren,
zou hij in ieder geval te horen krijgen
hoe Jasmine over hem dacht.
Of dat nou gunstig was of niet!
Dan zou hij hoe dan ook weten
waar hij aan toe was.
Met die gedachte
voelde hij zich een stuk rustiger
en viel sluimerend in slaap.


Het Steile Ravijn

Karel en Willem vlogen linea recta
naar het Steile Ravijn;
de toestand van Bas
vonden ze t zorgelijk
om er al te lang over te doen.

Weldra streken ze dan ook neer op de rand
en keken nieuwsgierig in de diepte.

Het ravijn was lang en diep
en veel steiler dan ze dachten.
Het was nogal rotsachtig.
Zo te zien groeide er niet veel.
Alleen wat hei
en hier en daar wat lupine.

In het midden zagen ze Jasmine
in druk gesprek
met haar uitheemse beesten:
die afgrijselijke lange slangen
en die afschuwelijke grote schorpioenen!

Karel en Willem wisten niet wat ze zagen!
Het angstzweet brak hen uit.

Die grote griezelige beesten
zaten weliswaar in een omheind
gedeelte van het ravijn,
maar het hek stond w-gen-wijd open!

En Jasmine zat op haar gemak bj hen!
Ze scheen het enorm naar haar zin te hebben,
ze sloeg zich tenminste op de dijen
van het lachen. (Nee, natuurlijk niet op lle dijen!)

'Bij nader inzien,' zei Karel bevend,
'weet ik niet
of dit nu wel zo'n goed idee was.'

'Ja,' zei Willem met trillende stem.
'Ik had hier toch ook wel
een andere voorstelling van.'

Plotseling - met een ruk,
alsof ze voelde
dat er naar haar gekeken werd -
keek Jasmine op,
zag hen boven op de rand en riep:
'H ken ik jullie niet?

Ja-a
ik heb jullie gezien by het cirrcus, zaterrdag.
Jullie zijn van Donkerrdam
en vrrienden van Bas, of verrgis ik me nu?'

'Je vergist je niet,' riep Karel;
maar zijn stem klonk niet zo vast als anders.

'Kom by ons!' riep ze.
En toen ze hun verschrikte blik zag
lachte ze en riep geruststellend:
'Jullie lopen geen gevaarr, hoorr.
Het is absolutely safe hierr!'

Maar er kwam geen beweging in die twee.

'Ok! Ok, I see,'
riep ze met een blik op haar beesten.
'Een little afrraid!?
Wel, I shall close de gate!'

'Wat zegt ze nou!?' riep Willem verbaasd.
'Ja, je merkt wel dat ze veel in het buitenland zit,'
zei Karel.
'Ze sluit het hek omdat we bang zijn, zegt ze.'

Jasmine voegde de daad bij het woord.
Maar pas toen ze zagen
dat ze het hek niet alleen dicht,
maar ook stevig op slot deed,
vlogen ze met een hoogrode kleur
naar beneden.

'Fijn dat jullie err zijn!' zei ze,
zich in de pootjes wrijvend.
'Ga zitten!'

Karel en Willem waren een beetje
verlegen met de situatie
en wisten niet goed
hoe ze met de deur in huis moesten vallen,
Jasmine wist kennelijk nog van niets.

'We komen zojuist
bij Bas vandaan,' zei Willem toen maar kordaat.

'O,' zei Jasmine. 'Hoe is hij?'

'Niet zo best,' zeiden ze allebei tegelijk.

En, ja...
Toen deden ze het hle verhaal!

Jasmine luisterde aandachtig;
ze viel hen niet n keer in de rede.
Maar van lieverlede - naarmate het verhaal vorderde -
verscheen er een droeve
uitdrukking op haar gezicht.

En toen ze alles gehoord had,
keek ze triest voor zich heen
en zei verdrietig:
'Wat sad, al dat pain
and unhappiness because of me!'

'Wat zegt ze?' vroeg Willem, Karel ongeduldig aanstotend.
'Ze is verdrietig,' antwoordde hij,
'omdat Bas zo ongelukkig is en zoveel pijn heeft.
En dat allemaal om haar.'

'Arrme jongen,' zei Jasmine weer.
'Poorr, poorr boy. Isn't he?'

'Yes, yes,' riepen ze beiden tegelijk,
blij dat ze haar begrepen. 'Ver-ry poor!'

'Kan ik hem zien?' vroeg ze.

'Tuurlijk, tuurlijk,' zei Willem opgewonden.
'Wij zouden je kunnen brengen,
tenminste, als je het met ons aandurft.'
'Wat bedoel je?' vroeg Jasmine.

'Nou ja,' zei Willem een beetje verlegen.
'Als we honger krijgen onderweg
- en dat krijgen we vaak -
zouden we wel eens kunnen vergeten
dat je geen gewoon wormpje bent.'

'Come off it!' riep ze niet in het minst geschrokken.
'Mk het een beetje!'

'Daarom zijn we met zijn tween gekomen,' zei Karel.
'Zodat, tijdens de vlucht, de een de ander
in de gaten kan houden.'

'Dat vergeten jullie niet,' zei ze zelfverzekerd.
'On de contrrary!
Als jullie echt zouden denken
dat jullie zoiets vrreselijks zouden kunnen doen,
dan hadden jullie beslist niet de moeite genomen
helemaal hierrheen te komen. Rright!'

'Daar zit wat in,' zei Karel.
'Maar je moet weten,
dat het voor ons de eerste keer is dat we
een passagier meenemen die iets voor ons betekent.
Natuurlijk denken we dat het wel goed zal gaan;
maar we vonden toch dat je het moest weten,
daarvandaan.'

'En het is voorr mij de eerrste keerr
dat ik van iemand een lift aanneem,' zei Jasmine.
'De verry, verry firrst time!
Ik vind het rreu-ze spannend.
Als duizendpoot kun je natuurrlijk niet
met de eerrste de beste vgel meegaan.
Maar jullie zijn lief
en zorrgzaam.

Bas mag zich gelukkig prrijzen
met zulke vrrienden.
Dat trref je nog maarr zelden, these days,'
sprak ze spontaan.

Karel en willem wisten niet zo gauw
wat ze moesten zeggen
na dat compliment.

'Misschien,' vervolgde Jasmine,
'kan ik een poosje blijven
by dat poorr dierr,
totdat zijn poten weerr genezen zijn.'

'Dat zou hij heel erg fijn vinden,
dat weten we zeker!' riepen Karel en Willem enthousiast.

'Fijn,' zei ze zich weer in de pootjes wrijvend.
'Wanneer gaan we?'

'Wanneer je maar wilt,' riepen ze tegelijk.

'Maar kun je die eng...
ik bedoel, die grote beesten,
dan zomaar alleen laten?'
vroeg Willem ondanks zijn angst voor hen bezorgd.

'O, ja!
Mijn brroers zijn err toch!
Zij zijn by hen in goede poten, hoorr!
En mijn brroers by hen,' lachte ze.
'Het zijn ook een beetje hn maten,
we doen zoveel samen.'

'Hee! Je broers! Waar zjn die eigenlijk?'
riep Karel om zich heen kijkend.

'Die slapen nog,' antwoordde ze.
'Ze zijn drruk met hun nieuwe show.
Ze hebben de hle nacht gewerrkt - you know!
Maarr, ik denk dat ze zo wel op zullen staan.

Dan ga k intussen vast pakken,'
zei ze, terwijl ze overeind kwam.
'Maarr eerrst haal ik voorr jullie wat te eten.
Iets voedzaams.
Dan kunnen we dadelijk meteen gaan.'

'Nu je het er over hebt,' zei Willem met een
veelbetekenende blik en een knipoog naar Karel.
'Ik heb best wel trek gekregen.'

'Wat heet!'
riep Karel, die Willem meteen begreep.
'Ik kan wel een olifant op,
ik heb sinds vanmorgen nog niets gegeten!'

'Goed!' riep Jasmine terwijl ze een schuur in ging.
'Ik heb verrukkelijk verrs vierr grranen brrood
en een zalige mix van Oosterrs zaad.
Eten jullie je buikje maarr lekkerr rrond, hoorr!
Maarr zorrg dat je je niet overrldt!'

Picture
Picture
Picture
Picture
Picture
Delen |

Logotr

Contact          Adverteren         Links

Home        Kinderlines Verhalen        Kinderlines Kleurplaten        Penvrienden        Dierentuinnieuws        Domeinen te koop     Spellen

Copyright 2016, Kinderlines Uitgeverij, alle rechten voorbehouden.